HTML, voluit HyperText Markup Language, is de opmaaktaal waarmee de structuur van een webpagina wordt beschreven. Met HTML geef je aan welk deel van een pagina een kop, een alinea, een lijst, een afbeelding of een link is. Browsers lezen die code en tonen er een pagina van.
Hoe HTML werkt
HTML bestaat uit elementen die met tags worden aangeduid. Een tag staat tussen punthaken en de meeste elementen hebben een begintag en een eindtag. Een alinea begint bijvoorbeeld met de tag p en eindigt met de bijbehorende sluittag. Elementen kunnen attributen hebben, extra gegevens zoals het adres waar een link naartoe wijst.
HTML is geen programmeertaal maar een opmaaktaal: het beschrijft wat iets is, niet hoe iets berekend wordt.
Elementen kunnen in elkaar genest worden. Zo bevat een lijst meerdere lijstitems en bestaat de hele pagina uit een omhullend element met daarin een kopdeel en een inhoudsdeel.
HTML, CSS en JavaScript
Een webpagina bestaat meestal uit drie lagen. HTML bepaalt de inhoud en structuur, CSS bepaalt de vormgeving, zoals kleuren, lettertypen en indeling, en JavaScript voegt gedrag toe, zoals een menu dat openklapt.
Zonder CSS toont een pagina nog steeds alle inhoud, maar dan in een eenvoudige standaardopmaak van de browser.
Samen zorgen de drie lagen ervoor dat structuur, uiterlijk en gedrag los van elkaar te beheren zijn.
Waarom HTML belangrijk is
HTML is de basis van elke webpagina, ook van pagina’s die door een CMS worden gemaakt. Goede HTML gebruikt elementen voor wat ze betekenen, bijvoorbeeld echte koppen en lijsten voor kopteksten en opsommingen.
Dat maakt een pagina toegankelijker voor schermlezers en beter te interpreteren voor software zoals zoekmachines. De huidige standaard wordt vaak HTML5 genoemd.