Een productfeed geeft Google de gegevens waarmee producten vindbaar worden in Shopping-advertenties en gratis productvermeldingen. Je leest welke attributen belangrijk zijn, hoe je varianten en voorraad correct aanlevert en waarom producten worden afgekeurd.
Wat een productfeed voor Google Shopping precies doet
Een productfeed is een gestructureerd bestand of gegevensstroom met informatie over de producten in een webshop. Google gebruikt die informatie om producten te begrijpen, te koppelen aan zoekopdrachten en weer te geven in Shopping-advertenties of gratis productvermeldingen. Denk aan de producttitel, prijs, voorraadstatus, afbeelding en de URL van de productpagina. De feed is dus niet simpelweg een export van je catalogus: de gegevens moeten aansluiten op de eisen van Google én op wat een bezoeker op je website aantreft.
Je kunt gegevens aanleveren via bijvoorbeeld een bestand in tekstformaat, een Google-spreadsheet of een API-koppeling. Welke methode geschikt is, hangt af van de omvang en veranderlijkheid van je assortiment. Een spreadsheet kan praktisch zijn voor een kleine catalogus, maar vraagt handmatige discipline. Bij duizenden artikelen of regelmatig wisselende voorraad is automatische synchronisatie meestal betrouwbaarder.
In Merchant Center koppel je de feed aan een land, taal en bestemming. Een product dat voor één land is goedgekeurd, is niet automatisch beschikbaar in andere landen; prijzen, verzendvoorwaarden en taal moeten daar ook kloppen. Google controleert de aangeleverde productdata en kan producten goedkeuren, beperken of afkeuren. Een technisch geldige feed garandeert daarom nog geen vertoning: ook de kwaliteit van je data, website en naleving van beleid tellen mee.
Verplichte productfeedvelden en belangrijke attributen
De precieze vereisten verschillen per producttype, land en bestemming, maar een basisset komt vaak terug. Het attribuut id geeft ieder artikel een unieke, stabiele identificatie. title beschrijft het product, link verwijst naar de productpagina en image_link naar de hoofdafbeelding. Ook price en availability zijn doorgaans essentieel. Voor nieuwe producten hoort de conditie vaak als condition te worden opgegeven. Controleer de actuele specificaties voor jouw productcategorie; Google kan aanvullende velden verplicht stellen.
Gebruik een ID die niet verandert wanneer bijvoorbeeld de titel of prijs wordt aangepast. Een wisselend ID kan ertoe leiden dat Google een bestaand product als nieuw ziet, waardoor opgebouwde producthistorie verloren gaat. Maak IDs uniek binnen de feed en vermijd dat meerdere varianten hetzelfde ID delen. In een variantengroep heeft elke maat of kleur een eigen product-ID.
Andere attributen helpen Google om producten te classificeren en te tonen bij relevante zoekopdrachten. Denk aan merk, GTIN, MPN, productcategorie, kleur, maat en doelgroep. Niet elk veld is voor elk product verplicht, maar ontbrekende of onnauwkeurige informatie kan de vindbaarheid beperken. Vul alleen waarden in die werkelijk bij het artikel horen. Een verkeerd ingevuld optioneel veld is niet onschuldig: het kan tot een onjuiste productvermelding of afkeuring leiden. Gebruik de officiële attribuutnamen en toegestane waarden, zeker wanneer je gegevens vanuit je webshopsoftware vertaalt naar de feed.
GTIN, merk en MPN: productidentificatie goed aanleveren
Google gebruikt productidentificaties om artikelen met dezelfde uitvoering te herkennen, aanbiedingen te vergelijken en productinformatie te groeperen. Voor veel merkproducten is een GTIN, zoals een EAN, UPC of ISBN, belangrijk. Lever de code aan in het daarvoor bedoelde attribuut en zorg dat hij bij precies die productuitvoering hoort. Een EAN van een verpakking met meerdere stuks is bijvoorbeeld niet vanzelfsprekend correct voor één los product. Controleer codes daarom tegen de gegevens van fabrikant of leverancier en kopieer niet blind waarden uit een vergelijkbaar artikel.
Het merk hoort in het attribuut brand. Een MPN, oftewel fabrikantonderdeelnummer, kan nodig zijn wanneer een GTIN ontbreekt of voor bepaalde producttypen. De exacte vereisten hangen af van het product. Heeft een artikel geen gangbare productidentificatie, zoals bij sommige handgemaakte producten of eigen ontwerpen, dan kun je in toepasselijke gevallen aangeven dat identificatie niet bestaat met identifier_exists. Gebruik die waarde niet als vervanging voor ontbrekende administratie wanneer het product wel een GTIN heeft.
Een veelvoorkomende fout is een dummycode, een herhaald nummer of een GTIN die niet overeenkomt met merk en product. Dat kan leiden tot afkeuring, beperkte zichtbaarheid of samenvoeging met een ander artikel. Zorg dat je bronsysteem de identificaties per variant bewaart en voorkom dat exports voor alle maten dezelfde code invullen. Als een leverancier geen bruikbare productcodes levert, is het verstandiger dat eerst uit te zoeken dan zelf nummers te verzinnen.
Productvarianten correct groeperen met item_group_id
Maten, kleuren, materialen en andere uitvoeringen kunnen afzonderlijke koopbare producten zijn. In de feed krijgt elke uitvoering daarom een eigen id, prijs, voorraadstatus en productlink. Met item_group_id geef je aan dat die verschillende items varianten van hetzelfde hoofdproduct zijn. De waarde van dit attribuut is binnen de groep gelijk, terwijl attributen zoals color, size of material het verschil beschrijven. Welke variantkenmerken relevant zijn, hangt onder meer af van de productcategorie en het land.
De productpagina moet de gekozen variant duidelijk tonen. Als de feed een blauwe maat M beschrijft, moet de landingspagina die uitvoering presenteren of de bezoeker er direct naartoe leiden. Een link naar een algemene productpagina waarop de variant niet beschikbaar is, veroorzaakt verwarring en kan tot een datamismatch leiden. Houd ook de afbeelding passend: gebruik bij voorkeur een foto van de specifieke kleur of uitvoering en niet standaard dezelfde afbeelding voor alle varianten.
Een veelgemaakte fout is varianten als losse, niet-gerelateerde producten aanleveren, of juist verschillende producten ten onrechte in één groep stoppen. Dat gebeurt bijvoorbeeld wanneer een artikel een andere functie of vorm heeft, en niet alleen een andere maat. Ook een ontbrekende maatwaarde maakt het voor Google lastiger om het aanbod correct te begrijpen. Leg in je productmodel vast welke eigenschappen echte varianten vormen en genereer de feed vanuit die structuur. Zo voorkom je dat handmatige exports groeps-ID's, maatnotaties of variantlinks inconsistent maken.
Prijs, voorraad en verzendkosten actueel houden
De prijs in de feed moet overeenkomen met de prijs die op de productpagina en tijdens het afrekenen geldt. Lever het bedrag aan met de juiste valuta, bijvoorbeeld EUR voor een aanbod in Nederland. Denk bij kortingsprijzen ook aan de relatie tussen price en sale_price en aan eventuele voorwaarden voor het tonen van een aanbieding. Een prijs die alleen na inloggen, met een kortingscode of voor een beperkte doelgroep geldt, mag niet zonder toelichting als algemene verkoopprijs worden gepresenteerd.
Ook availability moet de werkelijke situatie weerspiegelen. Gebruik de toegestane waarden, zoals in_stock, out_of_stock, preorder of backorder, en stem die af op wat de klant op de website kan bestellen. Voorraad kan snel veranderen, waardoor een feed die slechts af en toe wordt bijgewerkt achterloopt. Een product als op voorraad markeren terwijl bestellen niet mogelijk is, schaadt de klantbeleving en kan tot afkeuring leiden.
Verzendkosten kun je afhankelijk van de inrichting via Merchant Center-instellingen of relevante verzendattributen doorgeven. Controleer dat tarieven, levertijden en bestemmingen overeenkomen met je webshop. Voor Nederlandse consumenten moeten prijzen op de website duidelijk zijn; zorg dat de feed en landingspagina dezelfde prijsbasis hanteren. Test ook uitzonderingen zoals gratis verzending boven een bestelbedrag, verschillende bezorgopties en toeslagen. Automatische updates kunnen verschillen tussen website en feed soms signaleren, maar zijn geen vervanging voor een betrouwbare synchronisatie vanuit je voorraad- en prijssysteem.
Producttitels, beschrijvingen en afbeeldingen optimaliseren
De titel en beschrijving helpen Google én potentiële klanten begrijpen wat je aanbiedt. Zet de belangrijkste kenmerken vroeg in de titel, zoals merk, producttype, model, maat of kleur wanneer die relevant zijn. Schrijf beschrijvend en feitelijk: “Damesregenjas merk X, maat M, donkerblauw” is informatiever dan “Geweldige jas met korting”. Houd titels uniek genoeg om varianten uit elkaar te houden en gebruik geen reeks zoekwoorden die geen natuurlijke productomschrijving vormt. De informatie moet bovendien overeenkomen met de productpagina.
Een beschrijving kan materiaal, gebruik, technische kenmerken en inhoud van de verpakking toelichten. Neem geen promotionele slogans, contactgegevens, links of irrelevante informatie op. Een lange tekst is niet automatisch beter; relevante, controleerbare kenmerken zijn nuttiger dan herhaling. Bewaar de volledige productinformatie op de website en geef in de feed een compacte, correcte omschrijving die aansluit bij de daadwerkelijke uitvoering.
De hoofdafbeelding moet het aangeboden product duidelijk tonen en voldoen aan de beeldregels. Vermijd overlays zoals logo's, watermerken, kortingsstickers of extra tekst op de afbeelding. Gebruik geen tijdelijke afbeelding, placeholder of foto van een ander model. Een witte achtergrond is voor veel productfoto's praktisch, maar het belangrijkste is dat het product scherp en herkenbaar wordt afgebeeld. Extra afbeeldingen kunnen aanvullende hoeken of details tonen via daarvoor bedoelde velden. Controleer beeld-URL's op toegankelijkheid, redirects en correcte bestandstypen. Als een server Googlebot blokkeert of afbeeldingen pas na ingewikkelde scripts laadt, kan de feed technisch compleet lijken terwijl de productafbeelding toch niet wordt opgehaald.
Feedformaat, updates en koppelingen met je webshop
Een productfeed kan handmatig worden geüpload, volgens een schema worden opgehaald of via een API worden bijgewerkt. De keuze is vooral een afweging tussen eenvoud, actualiteit en beheerlast. Een handmatige CSV-export kan voldoen voor een klein assortiment dat weinig verandert, maar fouten sluipen erin wanneer prijzen en voorraad tussentijds wijzigen. Een geplande fetch automatiseert het ophalen van een bestand, terwijl een API-koppeling wijzigingen sneller kan doorgeven. Automatisering vraagt wel om goed databeheer: een fout in de bron kan dan direct veel producten raken.
Leg vast welk systeem leidend is voor elk gegeven. Vaak komen productomschrijvingen uit het PIM of de webshop, voorraad uit het ERP en prijzen uit een prijs- of voorraadsysteem. Als meerdere systemen hetzelfde veld aanpassen, kunnen waarden elkaar overschrijven. Maak daarom expliciete regels voor prioriteit, normalisatie en uitzonderingen. Denk aan het omzetten van interne voorraadcodes naar toegestane beschikbaarheidswaarden en het vertalen van categorieën naar de indeling van Google.
Controleer ook de technische uitvoer: zijn alle verplichte kolommen aanwezig, is de encoding correct en worden speciale tekens goed verwerkt? XML, CSV en tabgescheiden bestanden hebben elk hun eigen eisen voor structuur en escaping. Test een kleine selectie producten voordat je een volledige feed publiceert. Let op lege velden, dubbele IDs, ongeldige valuta en URLs met sessieparameters. Richt daarnaast logging in voor mislukte exports en stel meldingen in bij grote aantallen gewijzigde of ontbrekende producten. Zo ontdek je een afgebroken synchronisatie voordat een substantieel deel van het assortiment verdwijnt uit Shopping.
Veelvoorkomende afkeuringen en hoe je ze opspoort
Afkeuringen ontstaan vaak doordat productinformatie in de feed afwijkt van de website. De prijs is bijvoorbeeld verouderd, een product is volgens de feed beschikbaar maar niet bestelbaar, of de variant op de landingspagina komt niet overeen met de titel. Google kan zulke verschillen ontdekken bij controles van productgegevens en bestemmingspagina's. Andere veelvoorkomende oorzaken zijn ongeldige GTIN's, ontbrekende verplichte kenmerken, niet-bereikbare afbeeldingen en links die een foutpagina opleveren.
Begin met het rapport in Merchant Center en kijk per product naar de genoemde probleemstatus, voorbeelden en eventuele gevolgen voor de vertoning. Maak onderscheid tussen een waarschuwing en een afkeuring: een waarschuwing kan de prestaties beperken zonder het product direct volledig uit te schakelen. Repareer eerst fouten met impact op veel artikelen, zoals een foutieve valuta-instelling, een kapotte URL-regel of een verkeerd gemapte voorraadstatus. Los daarna productgebonden problemen op. Pas niet lukraak gegevens aan zonder de oorzaak te begrijpen; anders kan dezelfde fout bij de volgende feedupdate terugkomen.
Vergelijk bij een melding altijd drie bronnen: de feed, de live productpagina en de gegevens in je eigen systeem. Test de link zonder ingelogde sessie en controleer wat een klant in het gekozen land ziet. Na een correctie moet de nieuwe data opnieuw worden verwerkt; de status verandert niet altijd onmiddellijk. Houd een registratie bij van terugkerende meldingen en de oplossing per type fout. Zo kun je bijvoorbeeld ontdekken dat een leveranciersimport structureel maten weglaat of dat een cachinglaag verouderde prijzen serveert. Structurele reparaties zijn effectiever dan hetzelfde product steeds opnieuw handmatig indienen.
Google Shopping-beleid voor producten en landingspagina's
Een correcte feed maakt een product niet automatisch geschikt voor Shopping. Google hanteert beleid voor onder meer verboden en beperkte producten, misleidende claims, auteursrecht, veiligheid en de manier waarop een webshop zich presenteert. Wat is toegestaan kan afhangen van productsoort, land en bestemming. Sommige categorieën zijn verboden, terwijl andere alleen onder voorwaarden of met beperkingen mogen worden getoond. Controleer daarom het actuele beleid voordat je een nieuw assortiment toevoegt, zeker bij producten rond gezondheid, alcohol, financiële diensten of gereguleerde goederen.
De landingspagina moet duidelijk maken wat de klant koopt en onder welke voorwaarden. Gebruik geen producttitel of afbeelding die een andere uitvoering suggereert dan wat daadwerkelijk wordt geleverd. Vermeld prijs, beschikbaarheid, betaalmogelijkheden, verzendinformatie en retourvoorwaarden op een begrijpelijke plek. Een website die onduidelijke bedrijfsgegevens heeft, onbetrouwbaar overkomt of essentiële informatie verbergt, kan problemen krijgen onder regels rond misrepresentation, ook als de feedvelden op zichzelf juist zijn.
Let op claims die bewijs of context vereisen. Formuleringen als “geneest”, “gegarandeerd resultaat” of “officieel” kunnen misleidend zijn wanneer ze niet onderbouwd of toegestaan zijn. Ook het gebruik van merknamen in titels en afbeeldingen moet passen bij het aangeboden product en de rechten van de merkeigenaar. Wanneer een account- of productprobleem ontstaat, bekijk dan de specifieke beleidsmelding en pas zowel feed als website aan waar nodig. Alleen tekst in de feed wijzigen is onvoldoende als dezelfde claim nog op de productpagina of in de checkout staat.
Productfeeds voor meerdere landen en talen beheren
Een product dat in Nederland wordt verkocht, kan niet zonder controle naar een andere markt worden gekopieerd. Per land kunnen taal, valuta, prijsweergave, verzendtarieven, levertijden en productvereisten verschillen. Maak in Merchant Center duidelijk voor welk land en welke taal een feed bedoeld is en zorg dat de bestemmingspagina die taal daadwerkelijk ondersteunt. Een Nederlandstalige productpagina met een feed in een andere taal geeft bezoekers tegenstrijdige informatie en maakt het moeilijker voor Google om het aanbod te beoordelen.
Vertaal titels en beschrijvingen inhoudelijk, niet alleen woord voor woord. Productnamen, maatconventies en zoektermen verschillen per markt. Een maatvoering die in Nederland vanzelfsprekend is, kan elders een andere notatie of maattabel vereisen. Controleer ook of de variantkeuze op de website dezelfde waarden toont als de feed. Voor valuta moet je de vereiste prijsinformatie en betaalervaring per doelmarkt controleren; automatische valutaomrekening neemt niet alle lokale verplichtingen weg.
Verzending verdient extra aandacht. Een product kan wel beschikbaar zijn, maar niet naar elk land worden verstuurd. Stel bestemmingen, kosten en verwachte bezorgtermijnen zo in dat ze overeenkomen met de echte checkout. Houd rekening met retourvoorwaarden en lokale informatieverplichtingen op de website. Technisch kan een afzonderlijke feed per markt meer controle geven, terwijl één feed met landinstellingen eenvoudiger te beheren kan zijn. De beste keuze hangt af van catalogusverschillen en de gebruikte systemen. Welke aanpak je ook kiest, gebruik stabiele product-ID's en maak per markt helder welke prijs, voorraad en productpagina bij het aanbod horen.